Rasstandaard American Akita
Info van: Nahima Nita
Herkomst
In oorsprong is de herkomst van de Great Japanes Dog gelijk aan die van de Akita. De oorsprong ligt in Japan. Vanaf 1868 werd dit ras gekruist met rassen als Tosa Inu, Mastiff, Duitse Dog, Sint Bernard en zo ontstond er een groter type. Na de tweede wereldoorlog namen militairen dit ras mee naar de USA. Deze hond trok de fokkers enorm. Helaas erkende Japan dit ras niet. In 1999 heeft Japan alsnog besloten dit ras te erkennen als Great Japanese Dog. De Amerikanen hadden graag de naam American Akita gehoord, maar Japan wilde daar niks van weten. Alleen de landen aangesloten bij de FCI voeren deze naam, landen als Engeland, USA en Canada voeren nog steeds de naam Akita. 1 Januari 2006 werd door de FCI de Great Japanese Dog veranderd in American Akita wat ook een naam is die terecht bij hem hoort. En daarmee gelijk alle discussie over twee type,s verdwenen zijn.Van oorsprong zijn het jagers op groot wild in het noordelijk deel van japan met name op beren en wilde zwijnen. Een American Akita is een vriend voor het leven hij is vriendelijk en eerlijk van karakter als je hem of haar met respect behandeld.

Karakter
American Akita’s zijn evenwichtige honden. Ze zijn intelligent en vriendelijk, en soms ook dominant. Het zijn uitstekende waakhonden. Is de nood aan de man dan springen ze zeer overtuigend voor hun mensen in de bres. Het zit echter niet in hun aard om blafferig, overattent en opgewonden te doen; Een American Akita lijkt altijd onverstoorbaar in zijn doen en laten en maakt zich niet snel druk. Ze zijn zeer trouw aan hun eigenaar en het gezin en ook redelijk gehoorzaam, maar ze stellen zich eerder vriendschappelijk dan slaafs op. Net als de Japanners zelf heeft dit ras een bepaalde waardigheid en beheersing over zich die als ondoorgrondelijk omschreven kan worden. De meeste American Akita’s hebben geen boodschap aan mensen die ze niet kennen en ze nemen dan ook een terughoudende houding aan in afwachting van.
HOOFD Massief, zonder rimpels
OREN Krachtig opstaand, klein driehoekig met afgeronde punt. Licht naar voren gedragen. In de aanzet breed en niet te laag aangezet
OGEN Donkerbruin, bijna driehoekige vorm. Oogleden zwart en aangesloten
GEBIT Scharend
LICHAAM Langer als hoog. Verhouding tot lengte 9:10 voor de reu en 9:11 voor de teef. Voorborst diep en breed. Rechte rug. Goed gespierd
HALS In verhouding kort, gespierd met minimale keelhuid
LEDEMATEN Rechte voorbenen met goede bone. Sterk gespierde achterhand met een matige hoeking. Rechte kattenvoeten
STAART Volle goed behaarde staart over de rug gedragen, hoog aangezet
GANGWERK Krachtig en stuwend
VACHT Recht, hard dubbele vacht met dikke zachte ondervacht
KLEUR Alle kleuren toegestaan
SCHOFTHOOGTE Reu 66 - 71cm, Teef 61 - 66cm
FOUTEN
Vrouwelijk lijkende reu
mannelijk lijkende teef
Onder of bovenbeet
Korte staart
Gevlekte tong
Lichte ogen
Schuw
Gemis van tanden
DISKWALIFICERENDE FOUTEN
Vleeskleurige neus of gemis van pigment, behalve bij witte
honden
Hangende staart of oren
Sikkel vormige of ongekrulde staart
Te klein, reu onder 63,5 en teef onder 58,5
Te lang haar
''HACHIKO''

In Japan is het verhaal van Hachiko erg bekend. Hachiko ging elke dag alleen naar het station om zijn baas, een universiteitsprofessor af te halen. Dat deed hij al jaren. Elke avond kwam de hond precies op het station om de trein op te wachten. Na de dood van zijn baas kwam de hond nog 10 jaar lang naar het station. Als hij merkte dat zijn baas niet thuis kwam vertrok hij weer verdrietig en alleen naar huis. Maar dat belette hem niet om weer de volgende dag weer precies op tijd present te zijn. De mensen die op het station werkten en de kinderen vonden dit zo ontroerend, dat ze hem te eten gaven en hem verzorgden als hij weer eens gewond was na een gevecht met andere honden.

Na zijn dood werd er op het Shibuya-Station in Tokyo
een standbeeld voor hem opgericht. In hetzelfde station werd overigens ter
gelegenheid van het honderdjarig bestaan van de beroemde Yamamotospoorlijn een
Akita tot ere stationchef benoemd.
De vacht van Hachiko is bewaard gebleven in het museum van Ueno en hijzelf is
het onderwerp van veel Japanse kinderboeken